Labyrint

Ik zie hem staan. De man met wie ik een afspraak heb. Schuin links voor me, op hemelsbreed minder dan honderd meter staat hij op een bordes voor de ingang van een statig herenhuis. De man met wie ik een afspraak heb, ziet mij ook. Hij steekt zijn linkerarm omhoog en wijst met de wijsvinger van zijn rechterhand op zijn horloge. “Opschieten, Gert”, roept de man. “Je hebt nog acht minuten.” “Ja, ja, ik ben er. Dat zie je toch?”, zeg ik halfluid.

Ik loop het pad op dat naar de ingang van het gebouw leidt. Na ongeveer tien meter kan ik niet verder rechtdoor. Er staat een hek. Ik moet kiezen. Ik kan naar rechts, ik kan naar links. Omdat de man met wie ik een afspraak heb schuin links voor me staat, kies ik ervoor linksaf te gaan. Na een kleine vijf meter loopt ook dit pad dood. De enige mogelijkheid om verder te komen is een pad naar links. Ik kijk om me heen en zie een wirwar van paden en hekken. “Krijg nou wat”, mompel ik. “Dit is een labyrint. Hoe kom ik hier in vredesnaam uit?” Ik kijk naar de man met wie ik een afspraak heb. Die steekt zijn linkerarm weer omhoog en wijst weer op zijn horloge. “Nog vijf minuten”, roept hij.

Ik ga linksaf en versnel mijn pas. Nog een keer links, dan rechts, nog een keer rechts. Dan moet ik weer een keuze maken. Ik kan linksaf, ik kan rechtsaf. Ik kijk waar de man met wie ik een afspraak heb staat. ‘Rechtsaf dus’, flitst het door mijn hoofd. Het blijkt de verkeerde keuze, want al snel loopt het pad dood. Ik ren terug. Op het punt waar ik net naar rechts ging, ga ik nu rechtdoor. Dan naar rechts, een lang pad op. Halverwege is een pad naar rechts. Ik stop. Heel even overweeg ik het pad naar rechts op te gaan, maar ik zie dat het pad doodloopt. Rechtdoor dan maar. Een splitsing. Links of rechts? Rechtsaf lijkt, gezien de plek waar de man met wie ik een afspraak heb zich bevindt, het meest logisch. Maar wat is logisch in een labyrint? Volkomen gedesoriënteerd kijk ik om me heen. “Want iedereen is de weg kwijt”, hoor ik Frank Boeijen in mijn hoofd zingen. Ik ga linksaf.

“Gert, Gert”, hoor ik vanuit de verte mijn naam roepen. Ik stop en draai me om. Schuin rechts, op zo’n driehonderd meter, staat de man met wie ik een afspraak heb. “Nog twee minuten, Gert”, roept de man op z’n horloge wijzend. “Ik loop steeds verder bij hem vandaan”, stel ik vast en ik besluit op mijn schreden terug te keren. Ik ren zo hard ik kan. Linksaf, rechtsaf, linksaf, rechtsaf, rechtsaf, linksaf, rechtsaf. Dan zie ik voor me uit de uitgang van het labyrint. Het pad eindigt aan de voet van het bordes waarop de man met wie ik een afspraak heb staat. ‘Hèhè, eindelijk’, denk ik.

Als ik bij het bordes ben aangekomen en mijn voet op de onderste trede van de trap zet, zie ik nog net de man met wie ik een afspraak heb het gebouw binnengaan. Ik hoor de deur in het slot vallen. Bovengekomen bonk ik met mijn beide vuisten op de deur. “Doe open”, roep ik. “Te laat, Gert”, hoor ik vanachter de deur. “Je bent te laat.”

Ik draai me om en overzie van bovenaf het labyrint waar ik me net nog in bevond. Ik zie de splitsingen waar ik de verkeerde keuzes had gemaakt. Ik probeer het labyrint goed in me op te nemen, want ik moet door het zelfde doolhof van paden, hekken en splitsingen weer terug. Dan loop ik de trap af en ga het labyrint weer in.

U denkt misschien dat ik dit verhaal heb verzonnen. Dat het maar een fantasie is. Niets is minder waar. Het is echt gebeurd. Meerdere keren zelfs. De afgelopen twee weken ben ik al drie keer in zo’n situatie terechtgekomen. Dat ik een afspraak met iemand had en dat ik degene met wie ik de afspraak had, zag staan. En elke keer belandde ik in een labyrint. Elke keer een ander doolhof. Ik rende me rot van links naar rechts, van rechts naar links en weer terug als ik op een splitsing weer een verkeerde keuze had gemaakt. “Te laat, Gert. Je bent te laat”, galmde het in mijn hoofd terwijl ik hyperventilerend wakker werd.

Ik ben ervan overtuigd dat dromen een betekenis hebben. Dat ze de spiegel van de ziel zijn. Mijn ziel is kennelijk een verwarrend labyrint. Een doolhof waarin ik op zoek ben. Op zoek naar wie? Misschien wel op zoek naar mezelf.

 

 

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.